Op 10 juli 2027 wordt de Europese anti-witwasverordening (AMLR) van toepassing en verdwijnen de Wwft-bepalingen die zij overneemt. Dezelfde tekst gaat dan rechtstreeks gelden voor elke meldingsplichtige instelling in de Unie, van bank tot belastingadviseur. Deze pagina zet per onderwerp op een rij wat er verandert, met de volledige analyse een klik verderop.
Wat is de AMLR? De AMLR (Anti-Money Laundering Regulation, Verordening (EU) 2024/1624) is de kern van het Europese antiwitwaspakket. Zij is op 19 juni 2024 in het Publicatieblad verschenen en wordt op 10 juli 2027 algemeen van toepassing; alleen voor profvoetbalclubs en voetbalmakelaars geldt 10 juli 2029. Anders dan de richtlijnen die Nederland met de Wwft omzette, werkt een verordening rechtstreeks: er komt geen Nederlandse wet meer tussen de norm en uw instelling.
Inhoudelijk is de verordening op veel punten geen breuk maar een aanscherping: de risicogebaseerde, evenredige aanpak blijft de rode draad, met meer precisie eromheen. Op één punt is zij voor Nederland wel een stelselwijziging: het melden van ongebruikelijke transacties, sinds 1993 de Nederlandse uitzonderingspositie in Europa, maakt plaats voor het melden van verdachte transacties.
Overzicht
De drempel wordt 25 procent of meer in plaats van meer dan 25 procent, en er komt voor het eerst een rekenregel voor meerlaagse structuren: binnen een keten vermenigvuldigen, over ketens optellen, toetsen op elk eigendomsniveau. De zeggenschapsroute wordt parallel aan de eigendomsroute vastgesteld, en de terugvaloptie wordt een gedocumenteerde verklaring met motivering.
Naar de UBO-bepalingVanaf 10 juli 2027 melden poortwachters verdachte transacties zodra zij weten, vermoeden of redelijkerwijs kunnen vermoeden dat geldmiddelen of activiteiten met een misdrijf samenhangen, met een documentatieplicht die ook geldt wanneer niet wordt gemeld. De instelling moet het vermoeden zelf onderbouwen; dat is een andere redenering dan het aftikken van een indicator. Los van de verordening kreeg FIU-Nederland per 1 juli 2026 al een opschortingsbevoegdheid (artikel 17a Wwft), vooruitlopend op het bredere Europese AML-pakket.
Naar de meldplichtArtikel 9 tot en met 15 regelt wat vandaag verspreid staat over zeven Nederlandse bepalingen: de interne gedragslijnen, de bedrijfsbrede risicobeoordeling, de nalevingsfuncties, de opleiding, de integriteitsbeoordeling van medewerkers en de interne meldingskanalen. De compliancefunctie wordt gesplitst in een nalevingsmanager op bestuursniveau en een nalevingsfunctionaris voor de dagelijkse werking; bij kleine instellingen mogen de rollen samenvallen.
Naar de interne gedragslijnenArtikel 75 biedt voor het eerst een Europeesrechtelijke grondslag voor partnerschappen voor informatie-uitwisseling: samenwerkingsverbanden waarbinnen meldingsplichtige entiteiten informatie over cliënten en transacties kunnen delen, onder meer voor cliëntenonderzoek en transactiemonitoring. Deelname wordt gemeld bij de toezichthouder, die het partnerschap verifieert; gedeelde informatie blijft in beginsel binnen het partnerschap.
Naar artikel 75 AMLRArtikel 20 lid 1 sub d maakt de sanctietoets een expliciet onderdeel van het cliëntenonderzoek: verifiëren of de cliënt of de uiteindelijk begunstigden onder gerichte financiële sancties vallen, en bij rechtspersonen ook of gesanctioneerde personen, individueel of collectief, zeggenschap over de entiteit hebben, meer dan 50 procent van de eigendomsrechten houden of er een meerderheidsbelang in hebben. De AMLR regelt de screeningkant en vervangt de zelfstandige sanctieverplichtingen niet.
Naar het sanctiestelselArtikel 21 regelt wanneer een instelling die het cliëntenonderzoek niet kan voltooien moet afzien van de relatie of haar moet beëindigen, met een uitdrukkelijke documentatieplicht die ook voor weigeringen en beëindigingen geldt. Samen met de Europese richtsnoeren dwingt dat tot een individuele, gedocumenteerde afweging in plaats van categoriale de-risking.
Naar de opzegging van de bankrelatieHet pakket bracht ook een nieuwe Europese toezichthouder: AMLA, de Autoriteit voor de bestrijding van witwassen en terrorismefinanciering, gevestigd in Frankfurt am Main. Zij houdt vanaf 2028 direct toezicht op de meest risicovolle financiële instellingen van de Unie, coördineert de nationale toezichthouders en FIU's en stelt de richtsnoeren en technische normen op die de open normen van de verordening invullen.
Naar AMLA uitgelegdAchtergrond
De AMLR raakt vrijwel elke verplichting van de poortwachter, maar zij raakt ze niet allemaal op dezelfde manier. Voor het cliëntenonderzoek en de uiteindelijk begunstigde is de verordening vooral precisie: een vaste drempel, een rekenregel, een gedocumenteerde terugvaloptie. Voor de interne organisatie is zij een verhuizing: zeven Nederlandse bepalingen worden zeven rechtstreeks werkende artikelen. Voor de meldplicht is zij een stelselwijziging: het Nederlandse melden van ongebruikelijke transacties maakt plaats voor het zelf onderbouwen van een vermoeden. En met artikel 75 opent zij een deur die er nog niet was: informatie delen tussen poortwachters binnen een geverifieerd partnerschap.
TRNKL werkt die onderwerpen elk op een eigen pagina uit, steeds met de wettekst als kern, de vergelijking met het huidige recht en handvatten per sector. Deze pagina is de plattegrond: zij laat zien hoe de onderwerpen samenhangen en waar de volledige analyse staat. Wie zich voorbereidt, begint volgens dezelfde logica: eerst de bedrijfsbrede risicobeoordeling, want die bepaalt voor alle andere verplichtingen wat evenredig is, daarna per onderwerp een gap-analyse op het kader dat er al ligt.