Achtergrond
Hoe werkt box 2 en waarom laat de claim nooit los?
Box 2 belast het inkomen uit aanmerkelijk belang: het bezit van minimaal 5 procent van een vennootschap, direct of indirect, al dan niet samen met de fiscale partner en ook per soort aandelen. De box kent twee soorten voordelen: reguliere voordelen zoals dividend, en vervreemdingsvoordelen bij verkoop, berekend als overdrachtsprijs minus verkrijgingsprijs. In 2026 geldt 24,5 procent over de eerste 68.843 euro en 31 procent daarboven; partners kunnen door vrije verdeling twee keer de lage schijf benutten. Vóór er dividend stroomt eist de wet een gebruikelijk loon van de werkende dga (normbedrag 58.000 euro in 2026), en sinds 2023 dicht de Wet excessief lenen het leninglek: schulden aan de eigen bv boven 500.000 euro worden op 31 december als fictief dividend belast, een regeling die bij de eerste rechterlijke toetsing in juli 2026 overeind bleef. De rode draad van de box is de claim die nooit ontsnapt: bij schenken en erven wordt afgerekend of doorgeschoven, bij emigratie volgt een conserverende aanslag, en informele bevoordelingen worden als verkapte winstuitdeling belast zodra vennootschap en aandeelhouder zich van de bevoordeling bewust moesten zijn.
Deze flowchart, deel 3 van de Fiscale reeks, volgt die logica in twee fasen. Fase 1 behandelt de heffing: het 5%-criterium met meetrek-, meesleep- en fictief-ab-regels, de reguliere voordelen met het gebruikelijk loon, de vervreemdingsvoordelen met step-up en ficties, het tweeschijventarief met de verliesverrekening en de belastingkorting, en de Wet excessief lenen. Fase 2 behandelt de bijzondere situaties en de rechter: het Verzamelbesluit aanmerkelijk belang 2025 en de grens met de terbeschikkingstellingsregeling, de doorschuifregeling bij schenken en erven met de woelige bedrijfsopvolgingswetgeving, de conserverende aanslag bij emigratie met de lopende cassaties, de verkapte winstuitdeling en de arrestenlijn. Het paarse blok toont de vooruitblik: de lucratief-belangmultiplier die naar 2028 is uitgesteld, de geschrapte 5%-maatregel in de bedrijfsopvolging en het onderzoek naar samenwerkingsverbanden uit de Voorjaarsnota 2026. Deze pagina legt het stelsel en de rechtspraak uit en is geen belastingadvies; wat in een individuele situatie verstandig is, vraagt een eigen beoordeling of een adviseur.
Veelgestelde vragen
Wat is een aanmerkelijk belang?
Een aanmerkelijk belang bestaat bij een direct of indirect belang van minimaal 5 procent van het geplaatste kapitaal in een vennootschap, al dan niet samen met de fiscale partner (artikel 4.6 Wet IB 2001). Het criterium geldt ook per soort aandelen, voor koopopties op 5 procent en voor winstbewijzen. Wie zelf onder de 5 procent zit maar een partner of bloed- of aanverwant in de rechte lijn met een aanmerkelijk belang in dezelfde vennootschap heeft, wordt meegetrokken; wie eenmaal een aanmerkelijk belang heeft, sleept al zijn overige aandelen en winstbewijzen in die vennootschap mee.
Welk tarief geldt in box 2 in 2026?
In 2026 geldt 24,5 procent over de eerste 68.843 euro aan inkomen uit aanmerkelijk belang en 31 procent over het meerdere; fiscale partners kunnen door verdeling twee keer de lage schijf benutten. Ter context: tot en met 2023 gold een vlak tarief van 26,9 procent, in 2024 was het toptarief 33 procent (amendement bij het Belastingplan 2024) en per 2025 is dat teruggedraaid naar 31 procent. Samen met de vennootschapsbelasting komt de gecombineerde druk op winst die als dividend wordt uitgekeerd in 2026 uit tussen circa 38,8 en 48,8 procent.
Hoeveel mag ik lenen van mijn eigen bv?
Boven een drempel van 500.000 euro (samen met de fiscale partner) wordt het meerdere aan schulden aan de eigen vennootschap op de peildatum 31 december belast als fictief regulier voordeel in box 2 (Wet excessief lenen). Eigenwoningschulden aan de bv tellen niet mee, mits met een recht van hypotheek ten gunste van de bv; voor eigenwoningschulden die al op 31 december 2022 bestonden geldt die hypotheekeis niet. Na een belast fictief voordeel wordt de drempel met dat bedrag verhoogd om dubbele heffing te voorkomen. De eerste rechter die de regeling toetste, achtte haar niet in strijd met het EVRM (Rechtbank Den Haag, 2 juli 2026).
Wat is het gebruikelijk loon van een dga in 2026?
Een dga die werkt voor zijn eigen vennootschap moet zichzelf een gebruikelijk loon toekennen: het hoogste van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking, het loon van de meestverdienende werknemer van de vennootschap of het normbedrag van 58.000 euro (2026). Een lager loon mag alleen als aannemelijk is dat de meest vergelijkbare dienstbetrekking minder oplevert; de doelmatigheidsmarge van 25 procent is per 2023 afgeschaft. Wie van de norm wil afwijken draagt daarvoor de bewijslast, en de afroommethode is sinds 2016 vrijwel uitgerangeerd.
Wat gebeurt er fiscaal bij schenken of erven van aanmerkelijkbelangaandelen?
Schenking en vererving gelden als fictieve vervreemding: in beginsel rekent box 2 af over de waardeaangroei. Afrekening blijft achterwege voor zover de doorschuifregeling wordt toegepast: de verkrijgingsprijs schuift dan door naar de verkrijger, maar alleen voor zover de vennootschap een materiële onderneming drijft; beleggingsvermogen valt erbuiten. Sinds 2025 is de dienstbetrekkingseis bij schenking vervallen en geldt een minimumleeftijd van 21 jaar voor de verkrijger. De beoogde beperking tot gewone aandelen met minimaal 5 procent is wegens staatssteunrisico geschrapt en gaat niet door.
Wat gebeurt er met mijn aanmerkelijk belang bij emigratie?
Emigratie geldt als fictieve vervreemding: over de waardeaangroei tot het vertrek wordt een conserverende aanslag opgelegd, met renteloos uitstel van betaling van onbepaalde duur. Het uitstel wordt ingetrokken bij verkoop en bij winstuitdelingen. De Hoge Raad en het Hof van Justitie achten deze systematiek toelaatbaar: de heffing ziet op de Nederlandse periode en schendt de verdragstrouw niet. Over de precieze reikwijdte lopen nog cassatieprocedures, onder meer over de expat met partiële buitenlandse belastingplicht; de advocaat-generaal concludeerde in september 2025, een arrest was er op de peildatum nog niet.
Wat is een verkapte winstuitdeling?
Elke bevoordeling van de aandeelhouder door de vennootschap buiten formeel dividend om kan een verkapte winstuitdeling zijn: een te lage verkoopprijs aan de dga, privékosten op de zaak, een lening die nooit terugbetaald zal worden. Vereist is een vermogensverschuiving van vennootschap naar aandeelhouder waarvan beiden zich bewust waren of redelijkerwijs bewust moesten zijn (dubbele bewustheid, Hoge Raad 24 oktober 2003). Het gevolg is box 2-heffing bij de aandeelhouder zonder aftrek bij de vennootschap. Sinds 2025 geldt bovendien dat giften vanuit de bv boven de Vpb-grenzen weer als uitdeling aan de aanmerkelijkbelanghouder tellen.
Wat verandert er de komende jaren in box 2?
Aangenomen maar uitgesteld: de multiplier voor middellijk gehouden lucratieve belangen (effectieve druk richting 36 procent) treedt pas per 1 januari 2028 in werking, in afwachting van onder meer het rapport-Wennink over het vestigingsklimaat. In de bedrijfsopvolging gelden per 2026 een nieuwe definitie van preferente aandelen, versoepelingen van de bezits- en voortzettingseis en antimisbruikbepalingen, terwijl de beperking tot gewone aandelen met minimaal 5 procent wegens staatssteunrisico is geschrapt. De Voorjaarsnota 2026 kondigt verder onderzoek aan naar samenwerkingsverbanden tussen IB-ondernemers en hun bv.